Actief burgerschap en vrijwilligerswerk

Als burgers een rol vervullen binnen het gemeentelijk beleid en de uitvoering daarvan, heet dat burgerparticipatie. Als de overheid publieke taken overlaat aan de burger, heet dat burgerinitiatief, burgerbetrokkenheid, maatschappelijke participatie, zelfsturing of burgerkracht. Onder deze termen gaat een oeroude kracht schuil: die van het vrijwilligerswerk. Burgers die verantwoordelijkheid nemen voor hun omgeving zijn dé grote kracht naast overheid en bedrijfsleven. Al decennialang is ongeveer 42 procent van de volwassen bevolking vrijwilliger. Positief, want waar veel mensen zich inspannen voor de (lokale) samenleving, is meer samenhang. Voor wat mensen zelf oppakken is vaak meer draagvlak, bewondering en medewerking. Hoe kun je dit als gemeente versterken?
Burger en bestuur

Nieuwe context vrijwilligerswerk

Vrijwilligerswerk is van alle tijden, maar de context verandert. Een zoektocht is gaande naar vormen waarbij burgers taken overnemen van de overheid. Denk aan burgers die in eigen beheer en vaak kleinschalig zorgen voor de totstandkoming en instandhouding van praktische voorzieningen. Op allerlei gebieden: van cultuur, integratie en gezondheid tot vrijetijdsbesteding en persoonlijke ontwikkeling. Zij dragen hiermee bij aan integratie en sociale samenhang. En houden mensen erbij die wel wat steun in de rug kunnen gebruiken, van ouders met opvoedvragen tot mantelzorgers. Deze burgers werken, ook voor hen die het wél zelf redden, aan een omgeving die anders enorm zou verschralen. Daarnaast creëren groepen burgers, zoals vluchtelingen, ook hun eigen netwerken. Hierdoor kunnen zij krachtiger in de samenleving staan en beter gebruikmaken van of bijdragen aan de voorzieningen waarin anderen de hand hebben. 

 

De nieuwe context zorgt voor een zoektocht, van gemeente en burger. Naar nieuwe verhoudingen tussen politiek en ambtelijk apparaat enerzijds en vrijwilligers- en bewonersorganisaties anderzijds. Ook het vrijwilligerswerk zelf verandert, net als gemeenten veranderen. De klassieke organisatievormen en werkwijzen wijzigen. Vrijwilligers verbinden zich in toenemende mate op een andere manier, korter en projectmatiger. Sommige verenigingen verplichten leden tot activiteiten. Sociale media spelen een steeds grotere rol.

Zijn publieke taken overdraagbaar?

Nieuwe verhoudingen zoeken betekent elke keer goed afwegen welke publieke (deel)taken wel of niet overdraagbaar zijn. En zo ja, onder welke voorwaarden kan dat dan het beste? Als de overheid zaken wil overdragen, moet ze ook kunnen loslaten. Dat betekent overigens niet ‘aan het lot overlaten’, maar regels loslaten. Burgers ruimte geven om hun verantwoordelijkheid naar eigen inzicht vorm te geven en uit te voeren. De gemeente moet daarvoor de randvoorwaarden scheppen. Denk aan deskundigheidsbevordering van vrijwilligers en tegemoetkomen in kosten voor organisatie, huisvesting en communicatie. Die laatste drie vragen om blijvende investeringen van gemeenten. Wat betreft deskundigheidsbevordering kan het vrijwilligerswerk zelf goed bijdragen. Provinciale en landelijke koepels van vrijwilligersorganisaties, en ook lokale steunpunten vrijwilligerswerk hebben ondersteuningsmogelijkheden en expertise in huis. Zij kunnen de meeste vragen om ondersteuning en ontwikkeling oppakken.

Sociaal ondernemerschap mogelijk maken

Vrijwilligersorganisaties kunnen als motor van de civil society een grotere rol krijgen. Bijvoorbeeld bij beheer van en financieel beleid voor voorzieningen. Dat heeft gevolgen voor de rol en positie van zowel gemeente als organisaties. Vrijwilligersorganisaties verdienen in dat geval erkenning als samenwerkingspartner. De gemeente moet het eigenaarschap aan hun overdragen. Van vrijwilligersorganisaties wordt steeds meer verwacht dat zij als sociale onderneming opereren. Dat zij voor eigen inkomsten zorgen door samenwerking met fondsen en bedrijfsleven. Sommige organisaties hebben hiermee inmiddels ervaring, anderen hebben professionele ondersteuning nodig. Bij voorkeur weer in de vorm van deskundigheidsbevordering. Fondsen en bedrijven financieren geen exploitatiekosten. Daarom is een basisfinanciering door de gemeente zeer wenselijk.

Minimale wetgeving versterkt ondernemerschap

Wet- en regelgeving vereenvoudigen draagt bij aan ondernemerschap versterken. De gemeente moet vrijwilligerswerk niet laten verdrinken en tegelijkertijd niet onderwerpen aan teveel regelgeving en bureaucratie. Waarom iets moeilijk maken als het ook makkelijk(er) kan? Vrijwillige inzet wil je goed benutten en niet nodeloos belasten. 

Ga uit van intrinsieke motivatie vrijwilligers

Steeds meer gemeenten verplichten mensen om aan de slag te gaan bij een vrijwilligersorganisatie. Begrijpelijk, maar slecht voor het imago van vrijwilligerswerk. De basis hiervan gaat uit van een intrinsieke motivatie en eigen keuze. Uiteraard mogen gemeenten mensen stimuleren. Van belang is echter dat vrijwilligers gemotiveerd zijn en met kennis van zaken werken. Zeker waar de materie complex is en wordt gewerkt met kwetsbare mensen. Motiveren, goed matchen en begeleiden zijn de sleutelwoorden.

Verzeker vrijwilligers goed

Door bezuinigingen denken sommige gemeenten aan het schrappen van de gemeentelijke verzekering voor vrijwilligers. Spijtig voor lokale organisaties, en helemaal voor regionale of landelijke organisaties. Voor hen is het noodzaak dat in alle gemeenten een verzekering voor vrijwilligers is geregeld. Vrijwilligers bewegen zich over gemeentegrenzen heen en het is nodeloos complex als niet alle gemeenten deze verzekering bieden.